Schapenziekte

Rotkreupel

Rotkreupel is uiterst besmettelijk. Insleep en versleep van de ziektekiem gaat zeer snel en gemakkelijk. De aandoening is goed te beheersen, maar moeilijk volledig te bestrijden.

schaap met rotkreupel
Typisch beeld van rotkreupel: een schaap dat op de knieën graast.

Wat is rotkreupel?

Rotkreupel is een zeer besmettelijke vorm van kreupelheid en een van de langst bekende ziektes in de schapenhouderij. Dit pootprobleem blijkt uiterst moeilijk uit te bannen.

Krijgen alleen schapen rotkreupel?

Nee, dit is geen pure schapenziekte. De rotkreupelbacterie heeft vat op alle evenhoevigen. De aandoening komt wel meer voor bij schapen dan bij geiten. Bij runderen zijn de klachten doorgaans minder erg. In theorie kunnen herten en reeën de besmetting ook oplopen. Overigens is de rotkreupelbacterie ongevaarlijk voor mensen, dit is geen zoönose.

Wat veroorzaakt rotkreupel?

Twee bacteriën spelen een rol: Dichelobacter nodosus en Fusobacterium necrophorum. D. nodosus is de eigenlijke rotkreupelbacterie en die gedijt in warme en vochtige omstandigheden. F. necrophorum is bijna overal en altijd aanwezig in de omgeving van schapen. Ze leeft in de darmen en komt dus ook voor in de mest en in de grond.
Van D. nodosus bestaan er varianten, minstens 20 serotypes. Onbekend is welke types in Nederland de meeste schade aanrichten. NSFO en Faculteit Diergeneeskunde van Universiteit Utrecht doen daar vanaf 2020 onderzoek naar.

Hoelang overleeft de rotkreupelbacterie?

Buiten het schaap, rund en geit kan de nodosus maximaal 14 dagen overleven. Maar in hoornresten die achterblijven na bekappen is dat veel langer, tot wel enkele maanden.

Hoe vaak komt deze aandoening voor?

Dat is niet exact bekend, er zijn geen officiële cijfers. Wel is duidelijk dat deze klauwaandoening veelvuldig de kop op steekt.
Fokkerijorganisatie NSFO heeft samen met de HAS in Den Bosch in de winter van 2015/2016 een enquête gehouden. Daaruit kwam naar voren dat rotkreupel op 26 tot 46% van de schapenbedrijven in Nederland voorkomt.
Dierengezondheidszorg Vlaanderen (DGZ) heeft, net als NSFO, een meerjarig rotkreupelproject opgezet (eindverslag 2018). Onderdeel daarvan was een enquête eind 2014. 74% procent van de respondenten gaf aan geen rotkreupel te hebben in hun koppels. DGZ vindt dit percentage opmerkelijk hoog en vermoedt dat dit aan de vraagstelling ligt.
Op een poll op de site van vakblad Het Schaap (november 2019) antwoordde 33% van de respondenten dat hun schapen rotkreupel hebben, 8% wist het niet en 59% wist zeker dat op hun bedrijf rotkreupel niet voorkomt.

Wanneer kan rotkreupel voorkomen?

Dit hangt van het weer af. Boven de 10 graden Celsius wordt de rotkreupelbacterie actief. De bacterie vermenigvuldigt zich niet als het kouder is dan 10 graden. Doordat de bacterie ook van vocht houdt, doemt de aandoening vooral op in de lente en herfst. In de zomer is het vaak te droog.

Kan de aandoening ook in de winter opspelen?

Ja. Als de schapen ’s winters op stal komen, is het buiten vaak te koud voor de rotkreupelbacterie. Maar binnen loopt de temperatuur gauw op boven de 10 graden. Op stal kan nodosus ook overleven en daardoor kan de ziekte ineens tevoorschijn komen. In de stalperiode staan de ooien langdurig bij elkaar in een beperkte ruimte. Dan is er volop kans op besmetting.

Hoe gaat de verspreiding?

Zeer snel en gemakkelijk. Insleep van buitenaf is een groot risico. Na introductie van de ziektekiem verspreidt die zich in een mum van tijd binnen een koppel.

Maakt het uit of de dieren binnen of buiten zijn?

Nee, de overdracht van de bacterie kan overal plaatsvinden, buiten in de wei en binnen in de stal. Schapen lopen de besmetting letterlijk op als ze op een plek komen waar een besmet schaap heeft gelopen.

Hoe kan de rotkreupelbacterie van het ene naar het andere schapenbedrijf gaan?

  • Aankoop van andere dieren
  • Dekram lenen of huren
  • Met dieren naar keuringen en shows gaan
  • Gezamenlijk gebruik van veewagen
  • Schoeisel van bedrijfsbezoekers
  • Op eigen schoeisel andere bedrijven bezoeken en dat schoeisel bij thuiskomst blijven dragen

En versleep binnen een bedrijf?

Rotkreupel vindt makkelijk zijn weg naar alle hoeken van een bedrijf. Overdracht gaat niet direct van dier tot dier. Al lopend laat een besmet dier de nodosus achter en al lopend raakt een ander dier besmet met de bacterie. Extra beruchte plekken voor overdacht zijn:

  • Vochtig strooisel in de stal
  • Looppaden
  • Rond voer- en drinkbakken en mineralenemmers in de wei
  • Rond plekken waar bekapt is
schapen lopen over ontsmettingsmat
Deze schapen lopen over een ontsmettingsmat om versleep van de rotkreupelbacterie binnen het bedrijf te voorkomen.

Zijn er andere besmettingswegen?

Ja, overdracht kan ook via de dierverzorger. Met zijn schoeisel en gereedschap kan die de bacterie verslepen.

Zijn er verborgen besmettingsroutes?

Ja. Een aantal schapen is chronisch besmet met de rotkreupelbacterie. Sommige van die dieren hebben geen rotkreupelverschijnselen maar verspreiden ongemerkt wel de bacterie.
Een andere route is uitscharen op weides waar kort daarvoor melkvee heeft gelopen. Besmette koeien en kalveren vallen slecht op; je ziet ze niet vaak kreupelen en de verschijnselen blijven doorgaans beperkt tot een milde tussenklauwontsteking. Maar als besmette runderen in de twee weken voor de schapen komen in dezelfde wei hebben gegraasd, dan lopen die schapen risico op besmetting.
Verder kan bezoek van geïnfecteerde herten en reeën in de schapenwei de bacterie meebrengen.

Wat gebeurt er na besmetting?

De omgevingsbacterie baant de weg door de klauwen wat weker te maken zodat de rotkreupelbacterie in het hoorn kan doordringen. Beide bacteriën trekken daarna samen op en ondermijnen het hoorn, met in het uiterste geval complete ontschoening.

Wat zie je?

Bij inspectie valt in eerste instantie een lichte roodverkleuring van de huid tussen de klauwen op en dit ontwikkelt zich tot een ontsteking van de tussenklauw. Rotkreupel begint dus als een tussenklauwontsteking. Vervolgens zie je ondermijning op de overgang naar de hoorngrens, waarna de ontsteking het balgebied bereikt. Pas daarna wordt de zool aangetast. Vaak is er een etterige ontsteking van de huid in de tussenklauw met een typische geur. Verder voelt de aangetaste klauw warm aan.

Wat zijn de gevolgen?

Rotkreupel is zeer pijnlijk. Een rotkreupeldier staat zo min mogelijk op de pijnlijke klauwen. Het dier ligt meer en verplaatst zich minder waardoor het minder gras vreet. Door de lagere voeropname gaat het dier vermageren, de conditie en weerstand dalen waardoor andere ziektes makkelijker ontstaan.
Bijvoorbeeld slepende melkziekte, bij zogende ooien daalt de melkproductie waardoor hun lammeren minder snel groeien. Rammen worden minder deklustig omdat hun pijnlijke klauwen het springen belemmeren. Ook gaat de wol achteruit. Bovendien kan myiasis ontstaan, de ontstoken plek tussen de klauwhelften trekt namelijk de huidmadenvlieg aan.

Is rotkreupel altijd zo ernstig?

Nee. Het kenmerkende beeld is schapen die op de voorknieën grazen. Maar niet elk aangetast dier verzamelt zo z’n kostje: soms zie je ze trekkepoten, soms zie je vrijwel niets.

Hoe kun je rotkreupel aanpakken?

Kreupele dieren apart zetten en direct behandelen bij het eerste teken van rotkreupel. Hierdoor blijft de ontsteking klein en kan die zich niet verder uitbreiden. De aandoening is goed te beheersen door goede klauwverzorging (bekappen, voetbaden, ontsmettende sprays), regelmatig omweiden, vaccinaties en afvoeren van probleemdieren. Zo’n aanpak onderdrukt de bacterie wel, maar zij verdwijnt doorgaans niet volledig.

En als je definitief van dit probleem af wil?

Met een zeer systematische aanpak is dat mogelijk. De schapenhouder moet dan langdurig uiterst secuur en hygiënisch werken. Voor zo’n grondige aanpak bestaan er meerdere puntenplannen, waaronder het behandelingsprotocol met 15 punten van GD en het 5-puntenplan van NSFO. In het boek Gezonde Schapen van dr. Piet Vellema staat een uitgebreid stappenplan voor hardnekkige gevallen. Vraag je eigen dierenarts voor begeleiding bij de uitvoering van alle maatregelen.

Met welke diergeneesmiddelen kun je behandelen?

Met antibiotica. Voor de inzet van deze medicijnen gelden er regels. Net als bij wormmiddelen neemt de werkzaamheid van antibiotica af door resistentievorming. Door overmatig gebruik van een antibioticum bouwen bacteriën weerstand ertegen op waardoor dat geneesmiddel beetje bij beetje minder effectief wordt. Het overheidsbeleid is erop gericht het gebruik van antibiotica te verminderen.

  • Injecties met antibiotica. De spuiten mogen alleen worden gezet door de dierenarts. Het Formularium Schaap van de KNMVD (Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde) vermeldt als eerstekeusmiddelen: oxytetracycline en tilmicosine. Daarbij gaat de voorkeur uit naar oxytetracycline en dit is vanwege de giftigheid van tilmicosine voor mens en dier.
    Er zijn verder nog enkele tweedekeusmiddelen, maar de dierenarts mag die alleen met een goede verantwoording inzetten.
  • Sprays met antibiotica. Deze middelen zijn niet vrij verkrijgbaar, alleen via de dierenarts. Het Formularium geeft als eerstekeusmiddelen aan: chloortetracycline, oxytetracycline en thiamfenicol.

Wat kun je aan preventie doen?

  • Nieuwe dieren in quarantaine op stal zetten. Pas na 2 tot 3 weken bij eigen koppel toelaten (mits ze geen kreupelheid vertonen)
  • Na deelname aan een fokdag de meegenomen schapen in een voetbad zetten
  • Veekar na gebruik ontsmetten
  • Als je een ander bedrijf of locatie met schapen bezoekt op eigen schoeisel, dan bij thuiskomst nooit meteen doorlopen naar stal of wei. Wissel eerst je schoeisel en zet gedragen laarzen, schoenen of klompen 2 weken apart voor je ze weer draagt
  • Bedrijfseigen schoeisel voor bezoekers
  • Dieren afvoeren die voor de 2e keer rotkreupel krijgen
  • Voer- en drinkbakken in de wei regelmatig verplaatsen
  • In geval van vaste plaats in wei: verharding onder drinkbakken
  • Klauwen inspecteren en zo nodig bekappen (voorkom wondjes)
  • Hoornresten opruimen na bekappen (of deel van wei afzetten waar is bekapt)
  • Na elk bekapt schaap het mesje of de schaar ontsmetten in spiritus
  • Voetbaden met zinksulfaat of formaline
  • Omweiden naar wei waar 2 weken geen schapen hebben gelopen
  • Droge ondergrond (in stal en wei)
  • Preventief vaccineren
bedrijfslaarzen voor bezoekers
Laarzen staan klaar voor bedrijfsbezoekers. Dit beperkt het risico op insleep van rotkreupel. Een alternatief is schoenhoezen.

Welk vaccin is er?

In Nederland is er 1 vaccin tegen rotkreupel geregistreerd: Footvax. Dit vaccin biedt bescherming tegen 10 serotypes. Soms vertonen schapen ondanks vaccinatie toch verschijnselen. In dat geval heeft het dier last van een serotype dat niet in het rotkreupelvaccin is opgenomen.

Kun je rotkreupel wegfokken?

Gericht wegfokken kan alleen in theorie. Deze aandoening is voor een deel erfelijk bepaald. Praktisch gezien is het nog niet mogelijk te bepalen welke schapen een genetische aanleg hiervoor hebben.
Niet fokken met chronische dragers (vaker rotkreupel gehad) en hun nakomelingen kan op de lange termijn de genetische vatbaarheid in het koppel verlagen.

Heeft een kreupel schaap altijd rotkreupel?

Nee. Als er 1 dier kreupelt en de rest niet, dan ligt een andere oorzaak meer voor de hand. Maar als meer dieren kreupel zijn, dan is een besmettelijke aandoening waarschijnlijker. Naast rotkreupel zijn er meer ziektes waardoor een schaap mank kan gaan lopen, waaronder:

  • Blauwtong
  • Ecthyma (‘zere bekjes’)
  • Gewrichtsontsteking
  • Melkkreupelheid
  • Mond-en-klauwzeer
  • Stijve overhouders
  • Weefselwoekeringen
  • Zwelklauwtje
  • Zwoegerziekte

Meer informatie:

Inschrijven nieuwsbrief