Het aantal landbouwhuisdieren dat in Duitsland wordt gedood, verwond of vermist na een wolvenaanval, is in tien jaar tijd ruim vervijfvoudigd. In 2015 ging het om 737 dieren, in 2025 om 3.783. Dat laatste is wel een afname ten opzichte van 2024. Schapen vormen verreweg de grootste groep slachtoffers.
De vervijfvoudiging blijkt uit cijfers van het Duitse Bundeszentrum für Landwirtschaft (BZL), waarover onze Duitse collega Schafzucht bericht. Het aantal (geregistreerde) aanvallen op landbouwhuisdieren nam ook flink toe in tien jaar. In 2015 werden 199 aanvallen geregistreerd, in 2025 waren dat er 990.
Schapen zijn, net als in Nederland, met afstand het vaakst betrokken bij een wolvenaanval. Van de 3.783 getroffen landbouwhuisdieren in 2025 waren er 3.167 schaap. Daarnaast ging het om 303 stuks ‘gehouden wild’, 166 runderen, 110 geiten en 37 andere dieren, waaronder paarden en alpaca’s.
Groei van 268 naar 1.633 wolven

De stijging over een periode van tien jaar loopt volgens de Duitse cijfers ongeveer gelijk op met de groei van het aantal wolven. In het jaar 2014/2015 werden in Duitsland 268 wolven vastgesteld. In 2024/2025 waren dat er 1.633.
Niet overal in Duitsland is de schade even groot. De meeste getroffen landbouwhuisdieren worden gemeld in het noorden en oosten van het land, waar ook de meeste wolven leven.
Nedersaksen telde in 2025 met 970 de meeste getroffen dieren, gevolgd door Brandenburg met 770 en Saksen met 546. Brandenburg en Nedersaksen telden in 2024/2025 ieder 54 roedels, gevolgd door Saksen met 35 roedels.
In het zuiden en westen van Duitsland komen wel steeds meer wolven, maar de wolventerritoria liggen daar nog veel verder uit elkaar.
Afname ten opzichte van 2024
Ondanks de forse stijging over tien jaar nam het aantal getroffen dieren het afgelopen jaar juist af. In 2024 werden nog ruim 500 dieren meer geregistreerd dan in 2025. Ook het aantal wolvenaanvallen daalde ten opzichte van een jaar eerder.


