Het actieplan Kracht van de Kudde is donderdag 9 juli aangeboden aan het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN). Met het plan presenteert de sector zes concrete oplossingsrichtingen om de toekomst van de sector te versterken. Het ministerie spreekt van een breed gedragen initiatief en ziet het als een eerste stap naar structurele verbetering.
Het actieplan werd overhandigd aan Hugo van Kasteel, directeur van de directie Dierlijke Agroketens en Dierenwelzijn. Aan het plan ging een maandenlang traject vooraf onder leiding van onafhankelijk aanjager Bart Krol. Tussen november 2025 en maart 2026 sprak hij met vertegenwoordigers van de schapensector, terreinbeheerders, overheden en andere ketenpartners. Daaruit volgden zes oplossingsrichtingen die in het actieplan Kracht van de Kudde zijn opgetekend.
Een woordvoerder van het ministerie licht toe: “We zijn verheugd dat er een breed gedragen actieplan ligt. Dit onderstreept de gezamenlijke inzet van vele partijen om het schaap in Nederland te behouden en laat zien dat de waarde en betekenis van schapen voor onze samenleving breed wordt erkend.”
Zes oplossingsrichtingen
In het actieplan staan zes thema’s centraal: een sterkere Ketenorganisatie Schapenhouderij Nederland (KOS), een betere positie van schapenhouders bij pachtuitgifte, structurele financiering voor begrazingskuddes, meer waardering voor Nederlandse wol als biobased grondstof, beter passende mest- en stikstofregels en een sterkere positie van de schapenhouderij binnen grond- en natuurbeleid.
Een belangrijk onderdeel is de vraag aan het ministerie om de KOS de komende vier jaar financieel te ondersteunen. Daarmee moet de organisatie de uitvoering van het actieplan kunnen coördineren en de voortgang bewaken.
Zes thema’s actieplan
1. Versterken slagkracht sector. Een versterkte Ketenorganisatie Schapenhouderij Nederland levert de organisatiekracht van de sector en treedt op als aanjager, coördinator en ondersteuner van de acties, ambities en oplossingsrichtingen uit dit actieplan.
2. Pacht, Didam en schapen. Schapenhouders moeten bij pachtuitgifte eerlijk kunnen concurreren op kwaliteit en maatschappelijke meerwaarde. Dit vraagt om erkenning van praktijkervaring, branchecertificaten en inzet van het kringlooplabel binnen de beoordelingssystematiek.
3. Stabielere basis voor begrazingskuddes. Begrazingskuddes vragen om structurele, langjarige financiering via volledige openstelling van SNL-middelen, zodat natuurbeheer, biodiversiteit, erfgoed en het herderschap duurzaam geborgd blijven.
4. Wol als biobased bouwmateriaal. Nederlandse wol wordt gepositioneerd als circulaire bouwgrondstof met een lage additionele CO₂-footprint en langdurige koolstofopslag.
5. Passende mest- en stikstofregels. Mest- en stikstofregels moeten beter aansluiten bij de feitelijke impact van de schapenhouderij.
6. Gronden met opgaven, kansen voor onze schapen. Ontwikkeling van grondinstrumenten binnen onder meer ANLb en GLB moet beter aansluiten bij de positie van schapenhouderij tussen landbouw en natuur.
Artikel over Actieplan Kracht van de Kudde gaat verder onder de afbeelding
Krol prijst samenwerkingsbereidheid alle partijen
Terugblikkend op het proces prijst Krol de samenwerkingsbereidheid van betrokken partijen. “De sector gelooft in haar eigen kracht, maar kan niet alle uitdagingen zelf oplossen. Daarom hebben we bij de voorbereiding van dit actieplan partijen uit de gehele omgeving van de Nederlandse schapensector betrokken. Terreinbeherende organisaties, waterschappen, provincies en gemeenten, iedereen zat aan tafel. Dat was nog niet eerder gebeurd. En wat ik merkte: elke partij is overtuigd van het belang en het nut van schapen. Die basis voorspelt veel goeds.”
NSFO: sector ziet kansen
NSFO-directeur Reinard Everts was nauw betrokken bij de totstandkoming en verdere uitwerking van het actieplan. Volgens Everts is de sector tijdens de gesprekken serieus genomen. “Het is natuurlijk niet zo dat je een verlanglijst neerlegt en alles maar kan binnenhalen. Wel zijn we bij de gesprekken heel serieus genomen en hebben we onze uitdagingen, problemen en ideeën goed kunnen uitleggen. Waar zit nog ruimte in de mestwetgeving, hoe gaan we om met de verdeling van gronden, welke plek krijgt het schaap? Dat soort zaken.”

KOS: aangenaam gesprek met Van Kasteel
De schapensector is het waard om voor te vechten, is de stellige overtuiging van Saskia Cahuzak, voorzitter Keten Organisatie Schapenhouderij (KOS). Tijdens het aanbiedingsmoment werd deze stelling onderstreept door Van Kasteel. “We hadden een aangenaam gesprek met hem”, aldus Cahuzak. “Van Kasteel benadrukte dat met dit actieplan de eerste stap naar verbetering is gezet. En dat het behoud van de schapensector belangrijk is voor betrokken ondernemers én de maatschappij.”
Ze licht toe: “Onze sector bevindt zich op het snijvlak van landbouw en natuur. Wanneer we verder krimpen, verdwijnen niet alleen schapenbedrijven maar verliezen we ook kennis, vakmanschap, natuurbeheer en karakteristieke landschappen. Dat raakt de hele samenleving.”
‘Sector ligt niet onder een vergrootglas’
De schapensector heeft alles in huis om succesvol te zijn. Everts: “Onze sector heeft geen mega stikstofuitstoot, wij liggen niet onder een vergrootglas, eigenlijk is dat allemaal erg positief. Maar daardoor is het soms lastiger om aandacht te krijgen. Wij zijn een economisch kleine sector, terwijl we in aantallen mensen echt wel groot zijn. We doen niet onder voor andere sectoren.”
Hij vervolgt: “Je kunt denken, ‘help ik word overreden’, maar je kunt ook een stap opzij doen en een andere weg kiezen. Het is vooral belangrijk dat we goed uitleggen waarom schapen zo goed en gunstig zijn en een belangrijke rol kunnen spelen in de landbouwsector. Andere landbouwsectoren denken veel economischer, duiken in nieuwe ideeën, de schapensector is wat afwachtender.”
Kracht van de Kudde een symbolische titel
Als we over twintig of dertig jaar nog schapenhouders in Nederland willen hebben, moet er iets gebeuren. En dat begint bij het kenbaar maken van wat de sector bijdraagt. Die kans is optimaal benut tijdens de rondetafelgesprekken, benadrukken zowel Everts als Cahuzak.
Net als alle overige betrokkenen hopen zij dat het de slagkracht van de sector zal versterken en een gezondere toekomst inluidt. Maar ook daarvoor is de inzet van overheden en overige ketenpartners vereist. De titel Kracht van de Kudde is daarom symbolisch gekozen: alleen sámen kunnen de uitdagingen het hoofd worden geboden.
Brede steun voor Actieplan Kracht van de Kudde
Diverse organisaties hebben hun steun aan het actieplan expliciet kenbaar gemaakt. Zij onderschrijven de gezamenlijke ambitie en de beschreven oplossingsrichtingen.
- Ketenorganisatie Schapenhouderij Nederland
- LTO Vakgroep Schapenhouderij
- Vereniging Gescheperde Schaapskudden Nederland (VGSN)
- Nederlandse Schapen- en geitenfokkers Organisatie (NSFO)
- Platform Kleinschalige Schapen- en Geitenhouders (PKSG)
- Vee & Logistiek Nederland
- Staatsbosbeheer
- Natuurmonumenten en LandschappenNL
- Waterschap Rivierenland
- Gemeente Texel
- Vereniging Schapeneiland Texel
Zaak van lange adem
Of de geformuleerde actiepunten morgen al tot verlichting leiden? Bart Krol denkt van niet. “Een jarenlange achteruitgang van de sector kun je niet met één rapport omkeren. Maar ik verwacht wel dat dit initiatief het schaap duidelijker op de agenda zet en ondernemers structureel gaat helpen.”
Tegelijkertijd ziet Krol kansen voor de korte termijn. “Met betrekking tot pacht, Didam en schapen pleiten wij voor erkenning van branchespecifieke certificaten naast formele diploma’s. Uit analyse en overleg bleek dat het Kringlooplabel Schapenhouderij heel goed kan bijdragen aan een gelijk speelveld voor schapenhouders bij pachtuitgifte. Als deze maatregel wordt doorgevoerd zoals verwacht, kunnen schapenhouders met het Kringlooplabel binnenkort hun duurzame werkwijze officieel aantonen en beter de concurrentie met melkveehouders aangaan bij openbare aanbesteding van grond.”
Nu het actieplan is opgesteld en aangeboden, zit het werk van Bart Krol erop. “Uit al mijn gesprekken blijkt dat de schapensector een fijne en mooie sector is die mijns inziens wordt ondergewaardeerd in Nederland. We zullen met z’n allen hard moeten werken om haar in stand te houden. Ook met Europees geld.”
Uitvoering na de zomer
Het actieplan is nadrukkelijk bedoeld als startpunt en niet als eindstation. Daarom is een verantwoordelijkhedenmatrix toegevoegd waarin staat welke organisaties de verschillende acties verder moeten uitwerken. Zo moet worden voorkomen dat het plan op de plank belandt.
De eerste vervolgstap staat inmiddels gepland. Op 1 september spreekt de schapensector met minister Jaimi van Essen van LVVN over de verdere uitvoering van het actieplan. Volgens Cahuzak wil de sector vanaf dat moment concreet aan de slag met de voorgestelde maatregelen.


