De afgelopen weken zijn in het Drentse Beilen vijf aanvallen op schapen gemeld. Deze aanvallen waren binnen de mobiele draadrasters van de lopende praktijkproef. Uit een spoedanalyse blijkt dat in vier gevallen dna is aangetroffen van dezelfde wolf, een wolf uit de Drents-Friese regio-roedel. In één geval ging het om een hond.
Volgens het Wolvenplan 2025 van de provincies moet een wolf die meerdere keren een wolfwerend raster is gepasseerd ‘uit de populatie worden gehaald’. De provincie Drenthe classificeert de wolf nu dus als probleemwolf en werkt aan een afschotvergunning.
De provincie zegt dat het zijn best gaat doen deze probleemwolf op te sporen. In hun bericht zeggen ze: “We weten niet of deze wolf nog in het gebied aanwezig is. Mogelijk is deze wolf op zoek naar een eigen territorium en is deze verder getrokken. Deze wolf heeft in het verleden ook diverse schapen in de provincie Fryslân gedood. Mogelijk loopt de wolf daar nu rond. Wij hebben daarom contact met de Friese collega’s.”
Fladderlinten werken tijdelijk
Om schade aan vee door wolven zoveel mogelijk te voorkomen, is bij een aantal deelnemers in de praktijkproef gebruikgemaakt van fladderlinten. Deze linten bewegen in de wind en moeten wolven tijdelijk afschrikken. Dat effect houdt meestal maar enkele weken aan blijkt, daarna treedt gewenning op. Daarom worden de linten inmiddels weer verwijderd. “Ze zijn als extra maatregel ingezet toen er binnen de proefrasters aanvallen waren. Om in te kunnen grijpen op een wolf die herhaaldelijk vee aanvalt achter goedgekeurde rasters, moet worden aangetoond dat er voldoende maatregelen zijn genomen om te voorkomen dat de wolf het raster passeert. De linten zijn een voorbeeld van zo’n aanvullende maatregel.”
Niets meer missen over schapen? Meld je nu aan voor de gratis nieuwsbrief …
Camera’s en flitslichten
Aan de praktijkproef nemen inmiddels achttien dierhouders deel. Zij testen samen met de provincie verschillende manieren om wolvenschade te voorkomen. “Voor fladderlinten gelden een paar eenvoudige voorwaarden: ze moeten vrij kunnen bewegen, mogen niet verstrikt raken in het stroomraster en op het fladry-stroomdraad moet voldoende spanning staan.”
Naast fladderlinten zijn er camera’s geplaatst en is er gebruik gemaakt van flitslichten. “Zo blijft de provincie samen met dierhouders werken aan praktische oplossingen, met oog voor zowel de veiligheid van hun dieren als de dynamiek van de natuur in de provincie”, besluit de provincie.


