De toekomst lacht schapenhouder Maarten Picavet toe. Na een desastreuze blauwtongperiode een paar jaar terug heeft hij zijn koppel Texelaars weer op niveau. Het was de tweede keer dat hij zijn bedrijf (bijna) vanaf nul moest opbouwen.
Blauw is houden, groen is wegdoen. Gelijk bij het blikken van de lammeren bepaalt Picavet via gekleurde plaatjes de toekomst van het dier. In grote lijnen dan. Want de laatste twee jaar moest hij noodgedwongen de ‘selectieteugels’ wat laten vieren. Blauwtong kostte de schapenhouder ruim honderd schapen, waaronder veel van zijn zelf gefokte Texelaar-ooien. Om zijn koppel snel weer op niveau te krijgen, hield hij bijna alle geboren ooitjes aan. “Ook de eenlingen.”
Niets meer missen? Neem nu een voordelig proefabonnement op Het Schaap!
Fokbeleid aanscherpen
Nu de veestapel zich heeft hersteld, kan Picavet zijn fokbeleid weer verder aanscherpen. Geboorte- en uierproblemen blijven daarbij een absolute ‘no go’. Ook let hij scherp op worpgrootte, groei, uiergezondheid en wormresistentie. Vooral die laatste eigenschap wordt steeds belangrijker op zijn bedrijf.
Fokken met wormindex
Met zo’n 170 schapen op 12 hectare is de wormdruk in de zomer hoog. Daarom selecteert Picavet bewust op dieren met een hoge fokwaarde voor wormresistentie. Bij de aankoop van dekrammen is een wormindex van minimaal 110 zelfs een harde eis. Die aanpak levert resultaat op: de afgelopen jaren hoefde hij zijn volwassen schapen helemaal niet meer te ontwormen.
Bekijk de hele reportage in Het Schaap 6/7 van juni/juli – 2026
Bekijk hier alvast wat foto’s:










