Drachtige ooien hebben echt goed voer nodig, ook in een zachte winter. Krijgen ze dat niet, dan worden ze ziek.
Melkziekte, slepende melkziekte en zogeheten ‘stijve overhouders’ zijn typische aandoeningen van hoogdrachtige ooien die te weinig goed voer hebben gekregen. De Gezondheidsdienst voor Dieren kreeg er vorig jaar veel meldingen van en waarschuwt dat ze ook dit jaar kunnen voorkomen.
Door de tot nu toe zachte herfst en winter is er veel gras voor weidende ooien. Dat gras bevat, zeker als het veel regent, vaak te weinig droge stof. De drachtige ooien moet er dan zo veel van vreten dat ze te weinig voedingsstoffen binnenkrijgen.
Bijvoeren van drachtige schapen is niet alleen van belang voor het schaap zelf, maar ook voor de vitaliteit van lammeren en de biest- en melkproductie na het aflammeren.
De GD adviseert in de laatste weken van de dracht goed te voeren.


