De overheid heeft de voorschriften voor brucellamonitoring aangepast. Het Platform Kleinschalige Schapen- en Geitenhouders had bezwaren en heeft gelijk gekregen.
Het Platform KSG vond het onnodig dat de NSFO, die sinds dit jaar dat brucellaonderzoek uitvoert, het complete I&R-bestand zou krijgen om er een steekproef van 1.500 schapenbedrijven uit te trekken. Het Platform wil niet dat alle I&R-gegevens daarvoor worden vrijgegeven. Het ministerie van EZ heeft nu laten weten dat Dienst Regelingen de steekproef doet en alleen die 1.500 adressen aan de NSFO doorgeeft.
Dat is inmiddels ook al gebeurd en de 1.500 geselecteerde schapenbedrijven hebben bericht gekregen. Eind deze maand zal de NSFO ze formulieren toesturen voor controle op de schapenziekte.
De geselecteerde schapenhouders mogen de, door de overheid betaalde, komst van de dierenarts ook benutten om bloed te laten tappen voor zwoegerziekte of een andere dierenartshandeling. Dat scheelt voorrijkosten. In eerste instantie leek dat niet toegestaan. Daarover had het Platform KSG duidelijkheid gevraagd en nu ook gekregen.
Schapenhouders die meteen voor zwoegerziekte bloed willen laten tappen als de dierenarts voor brucella komt, moeten wel zelf regelen dat de bloedmonsters voor zwoeger naar de GD of de NSFO gaan. Dat gebeurt niet automatisch.
Het Platform KSG is blij met de wijzigingen, zo zegt voorzitter Jan van der Zanden. “Er was eerst onvoldoende rekening met de schapenhouders gehouden”, zegt hij.


